Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig?
Als je van plan bent om zonnepanelen te plaatsen, is het sterk aan te raden om van tevoren te berekenen hoeveel panelen je precies nodig hebt. Om het hoogste rendement te behalen, moet de opbrengst van de panelen net onder je jaarlijkse stroomverbruik liggen, zo gebruik je zo veel mogelijk zelf en injecteer je zo weinig mogelijk op het net.
CallMePower doorloopt de drie stappen om te berekenen hoeveel zonnepanelen je nodig hebt.
Stap 1: bereken je jaarlijkse elektriciteitsverbruik
Ten eerste zal je je jaarlijkse elektriciteitsverbruik moeten achterhalen. Je kunt het terugvinden op je jaarafrekening of door in te loggen in de online klantenzone van je energieleverancier. Als je een digitale energiemeter hebt, vind je het ook in de Mijn Fluvius-app.
Houd ook rekening met mogelijke nieuwe grootverbruikers die je in de toekomst gaat aanschaffen, zoals een warmtepomp of een elektrische auto. Voeg hun verwacht verbruik toe bij je jaarlijks totaal.
Stap 2: bereken de mogelijke opbrengst van je dak
Vervolgens bereken je wat de oppervlakte van je bruikbare dakoppervlak is. Houd er rekening mee dat je niet overal een paneel kunt plaatsen en dat sommige plekken mogelijk in de schaduw liggen. Gebruik de zonnekaart om de geschiktheid van je dak in te schatten.
De meeste zonnepanelen hebben een afmeting van circa 170 × 100 cm. Per m² kun je dus ruwweg 0,6 paneel plaatsen. Een dak van 20 m² kan gemakkelijk 10 à 12 panelen herbergen, afhankelijk van de oriëntatie en de aanwezige obstakels.
Stap 3: bereken hoeveel zonnepanelen je nodig hebt
Voor het berekenen van de opbrengst kijken we naar het maximale vermogen van de panelen in Wattpiek (Wp). In België bedraagt de werkelijke opbrengst gemiddeld 85 % van het totale vermogen (rekening houdend met bewolking, hellingshoek en omvormerverlies).
Rekenformule: deel je jaarlijkse verbruik in kWh door 85 % van het vermogen per paneel in kWh. Voorbeeld: verbruik 3.500 kWh, paneel van 350 Wp → 3.500 ÷ (0,85 × 350) ≈ 11,8 → 12 panelen nodig.
In de tabel hieronder zie je het benodigde aantal panelen per gewenste jaarlijkse opbrengst (basis: 350 Wp per paneel).
| Gewenste jaarlijkse opbrengst | Aantal zonnepanelen (350 Wp) |
|---|---|
| 2.000 kWh | 7 |
| 3.000 kWh | 10 |
| 4.000 kWh | 13 |
| 5.000 kWh | 17 |
De gegevens hierboven zijn een indicatie. Het is aan te raden om een voorstudie te laten uitvoeren door een gespecialiseerd installateur (met hulp van de zonnekaart) om te bepalen wat de beste installatie voor jouw situatie is.
Hulp nodig bij het kiezen van de beste zonnepanelen? Bekijk onze pagina over zonnepanelen vergelijken.
Veelgestelde vragen over het aantal zonnepanelen
Een gezin van 4 personen verbruikt gemiddeld 4.000 à 5.000 kWh elektriciteit per jaar. Op basis van panelen van 350 Wp en een opbrengstfactor van 85 % heb je 13 à 17 panelen nodig. Met modernere panelen van 400 Wp kun je toe met 11 à 14 panelen voor dezelfde opbrengst.
Als je dakoppervlak beperkt is, kies dan voor panelen met een hoog vermogen per paneel (400 Wp of meer). Monokristallijne panelen leveren meer elektriciteit per m² dan polykristallijne panelen. Zo benut je de beschikbare ruimte maximaal. Bekijk onze pagina over zonnepanelen vergelijken.
Nee. Het is financieel het voordeligst als de opbrengst van je panelen net onder je jaarlijkse verbruik ligt. Als je meer produceert dan je verbruikt, injecteer je het overschot op het net. De injectievergoeding is echter lager dan de kWh-prijs die je betaalt. Zelfverbruik levert dus meer op dan injectie. Met een thuisbatterij kun je meer zelfverbruiken.
Een standaard zonnepaneel van 170 × 100 cm heeft een oppervlakte van circa 1,7 m². Voor 10 panelen heb je dus minimaal 17 m² bruikbaar dakoppervlak nodig (exclusief randmarges en ruimte rond dakramen). Vraag een installateur om de exacte beschikbare ruimte op jouw dak in te schatten.